Je hebt eindelijk besloten dat je zaterdag nergens naartoe gaat. Geen verjaardag, geen koffie bij je moeder, geen afspraak die eigenlijk helemaal niet hoeft. Je hebt zin om thuis te blijven en voor één keer niet je hele dag vol te bouwen met dingen waar andere mensen blij van worden.
Totdat iemand zegt: “Oh, kom je niet?”
En daar gaat-ie.
Je besluit staat nog geen tien seconden overeind en je hoofd begint alweer te onderhandelen. Misschien kan ik toch even gaan. Het is ook wel ongezellig als ik er niet ben. Ze rekent waarschijnlijk op me. Straks denkt ze dat ik geen zin in haar heb. Ach, als ik maar een uurtje ga, valt het ook wel mee.
Voor je het weet heb je niet meer over wat jij zaterdag wilt, maar over de vraag hoe je ervoor kunt zorgen dat niemand teleurgesteld raakt door jouw keuze.
En dat is een behoorlijk vermoeiende baan voor iemand die daar nooit voor is aangenomen.
Je bent niet alleen aardig, je bent voortdurend aan het vooruitdenken
Veel vrouwen die bij mij komen, vinden zichzelf helemaal geen pleaser. Ze zeggen juist dat ze prima weten wat ze willen, best hun mond open kunnen trekken en heus wel ‘nee’ kunnen zeggen als het echt nodig is.
Dat geloof ik onmiddellijk.
Het probleem zit vaak ergens anders.
Je bent namelijk allang gaan nadenken over de reactie van de ander voordat je überhaupt hebt uitgesproken wat jij wilt. Je weet dat je partner het jammer vindt als jij niet meegaat, dus ga je toch. Je weet dat je collega het druk heeft, dus pak jij dat klusje er nog wel bij. Je weet dat je kinderen graag allemaal thuis eten, dus zorg jij ervoor dat er voor iedereen iets op tafel staat, ook al betekent dat dat jij weer aan het schuiven en regelen bent.
Niemand hoeft je te dwingen, want dat stuk heb jij inmiddels zelf overgenomen. Je voorkomt teleurstelling voordat iemand teleurgesteld kan zijn. En precies daarom valt dit patroon zo weinig op.
Want als zij tevreden zijn, kun jij ontspannen
Er zit vaak iets onder dat veel verder teruggaat dan die verjaardag op zaterdag of die collega die weer iets aan je vraagt. Misschien heb jij ooit geleerd dat het prettig is wanneer de sfeer goed is, iedereen verzorgd is en niemand iets tekortkomt. Als iedereen aan tafel zit en het naar zijn zin heeft, kun jij ook genieten. Als er geen gedoe is, hoef jij niet op je hoede te zijn. Als iedereen tevreden is, voelt het rustig.
Daar is op zichzelf niets mis mee. Zorgen voor andere mensen kan iets heel moois zijn en ik ga je echt niet vertellen dat je voortaan alleen nog maar aan jezelf moet denken.
Maar er ontstaat wel een probleem wanneer jouw rust afhankelijk wordt van de tevredenheid van iedereen om je heen. Dan wordt zorgen geen vrije keuze meer, maar een manier om de boel onder controle te houden.
Je zorgt dat niemand boos wordt, je probeert teleurstelling voor te zijn, je legt dingen alvast uit voordat iemand ernaar gevraagd heeft, je verzacht je ‘nee’ met drie redenen en een alternatief, je voelt aan wat iemand nodig heeft en springt in voordat diegene zelf iets hoeft te doen. Moet ik nog even doorgaan met voorbeelden?
Ondertussen noem jij dat gewoon: “Zo ben ik nu eenmaal.” En daar geloof ik dus niet zo in.
Wie heeft jou eigenlijk verantwoordelijk gemaakt voor de sfeer?
Dit is de vraag die wat mij betreft veel vaker gesteld mag worden. Sinds wanneer ben jij verantwoordelijk voor de stemming aan tafel, de teleurstelling van je vriendin, het gemak van je collega, de planning van je volwassen kinderen en het humeur van je partner?
Natuurlijk heeft jouw gedrag invloed op andere mensen. Je leeft niet alleen op een onbewoond eiland en rekening houden met elkaar hoort bij een relatie, een gezin, een vriendschap en een samenwerking. Maar rekening houden met iemand is iets anders dan jezelf verantwoordelijk maken voor wat diegene voelt. Dat verschil lijkt klein, maar het is gigantisch.
Want zodra jij vindt dat iedereen tevreden moet zijn voordat jij een keuze voor jezelf mag maken, ligt jouw vrijheid feitelijk bij de ander. Dan mag jij pas rust nemen wanneer niemand daar last van heeft, je mag pas nee zeggen wanneer de ander het begrijpt, je mag pas voor jezelf kiezen wanneer je zeker weet dat niemand teleurgesteld is. Geloof mij, dan kun je wachten tot je een ons weegt.
Misschien zijn mensen wel eens teleurgesteld in jou
Ja. Dat schrijf ik gewoon op. Als jij andere keuzes gaat maken, kan iemand daar iets van vinden. Je vriendin kan het jammer vinden dat je niet komt, je collega kan balen dat jij die taak niet overneemt, je kinderen kunnen mopperen omdat jij een keer niet beschikbaar bent, je partner kan moeten wennen aan het feit dat jij niet automatisch meegaat in wat jullie altijd deden.
Maar dat betekent niet meteen dat jij iets verkeerd doet. Het betekent vooral dat andere mensen ineens te maken krijgen met een versie van jou die niet meer automatisch alles gladstrijkt. En daar zit vaak precies de spanning. Niet in het ‘nee’ zeggen zelf, maar in wat er na die nee gebeurt.
Kun jij verdragen dat iemand even teleurgesteld is zonder meteen terug te krabbelen, het op te lossen, jezelf uit te leggen of alsnog te doen wat je eigenlijk niet wilde?
Daar wordt het interessant.
Je zegt dat je meer voor jezelf wilt kiezen, maar er zit een voorwaarde aan
Ik hoor vrouwen regelmatig zeggen dat ze meer tijd voor zichzelf willen, minder willen rennen en niet langer overal verantwoordelijk voor willen zijn. Ze weten vaak zelfs heel goed wat daarvoor nodig is. Alleen staat er ongemerkt één enorme voorwaarde onder:
Als de rest er maar geen last van heeft.
En daarmee heb je jezelf klemgezet. Want veranderen zonder dat er iets om je heen beweegt, bestaat bijna niet. Wanneer jij stopt met iets wat je jarenlang hebt gedaan, ontstaat er ergens anders ruimte, ongemak of verantwoordelijkheid. Misschien moet iemand zelf gaan regelen. Misschien moet iemand wachten. Misschien wordt iets een keer niet gedaan. Misschien blijkt zelfs dat jij jarenlang iets hebt gedragen wat helemaal niet van jou was. Ja en dat kan schuren. Maar schuren is niet hetzelfde als fout.
De vraag is niet of jij iedereen tevreden kunt houden
Dat kun je namelijk niet. Hoe hard je ook werkt, hoeveel je ook opvangt en hoe goed je ook probeert vooruit te denken, er komt altijd een moment waarop iemand iets anders van jou wil dan jij wilt geven. De interessantere vraag is wat jij op zo’n moment doet. Ga je opnieuw schuiven met jezelf totdat het voor iedereen past? Of blijf je een keer staan bij wat jij had besloten, ook wanneer iemand anders daar niet onmiddellijk enthousiast van wordt?
Misschien hoef je helemaal niet te leren wat jij wilt. Misschien weet je dat dondersgoed. Misschien moet je alleen stoppen met wachten tot iedereen om je heen daar toestemming voor geeft. Want zolang iedereen tevreden moet zijn voordat jij voor jezelf mag kiezen, ben jij uiteindelijk degene die steeds opnieuw met minder genoegen neemt.
En dan heb ik nog maar één vraag voor je: Sinds wanneer is dat eigenlijk jouw taak?