Nog even

Vrouw zit na een lange werkdag peinzend achter haar laptop en kijkt uit het raam. De afbeelding verbeeldt hoe je jezelf steeds opnieuw uitstelt door te denken: 'nog even'.

door Linda Hoitinga

Misschien zijn dat wel de twee duurste woorden die je iedere dag uitspreekt.

Hoe een onschuldige zin ervoor zorgt dat je blijft doen wat je eigenlijk niet meer wilt

Je had jezelf beloofd dat je vandaag op tijd naar huis zou gaan. Om vijf uur klap je je laptop dicht. Tenminste, dat was het plan.

Dan loopt er nog iemand binnen met een vraag.

“Heb je heel even?”

Je glimlacht, gaat weer zitten en hoort jezelf zeggen:

“Kom maar, ik kijk nog even mee.”

Als je uiteindelijk naar buiten loopt, is het half zeven.

Onderweg naar huis baal je enorm. Niet van die collega, ook niet van de vraag, maar je baalt van jezelf, omdat je vanmorgen iets anders met jezelf had afgesproken. En diep van binnen weet je dat dit niet de eerste keer is.

Thuis zitten ze ondertussen op je te wachten. Misschien staat het eten al op tafel en je had misschien beloofd dat je op tijd thuis zou zijn. Nog voordat je jas uit is, ben je jezelf alweer aan het verantwoorden.

“Het liep uit.”

“Er kwam nog iemand binnen.”

“Ik kon het niet maken om weg te gaan.”

Het bijzondere is dat de gevolgen van die twee woorden niet ophouden wanneer je de deur van je werk achter je dichttrekt. Ze reizen gewoon met je mee naar huis.

Er zijn van die zinnen waar je nauwelijks nog bij stilstaat. Je spreekt ze uit zonder erover na te denken. Ze klinken logisch, verstandig en zelfs verantwoordelijk. Toch bepalen juist die zinnen vaak veel meer van je leven dan je denkt.

“Nog even.”

Het begint zelden met een grote beslissing

Misschien herken je jezelf helemaal niet in deze situatie. Misschien werk je niet op kantoor, heb je een eigen bedrijf of ben je juist veel thuis.

Toch durf ik bijna te zeggen dat je jouw eigen versie van “nog even” wel kent.

Je had jezelf voorgenomen om vanavond eindelijk een wandeling te maken. Niet omdat het moest, maar omdat je voelde dat je daar behoefte aan had. Toch zie je onderweg naar de voordeur de wasmand staan. Daarna ruim je de vaatwasser uit, beantwoord je nog snel een paar appjes en besluit je ook meteen de boodschappen op te ruimen.

Als je uiteindelijk op de klok kijkt, is het donker geworden. De wandeling schuift door naar morgen.

Of misschien had je eindelijk een uur in je agenda vrijgehouden om aan dat idee te werken waar je al weken enthousiast over bent. Nog voordat je goed en wel begonnen bent, gaat je telefoon, er komt een mail binnen, iemand heeft een vraag en je denkt: dat regel ik nog even.

De rekening komt altijd later

Het vervelende van “nog even” is dat het op dat moment helemaal niet voelt als een verkeerde keuze. Sterker nog, het voelt vaak als de meest logische keuze die je kunt maken.

Je helpt een collega, je maakt een taak af, je reageert nog even op dat bericht, je voorkomt dat iemand moet wachten. Ja dat zijn allemaal verstandige beslissingen, alleen betaal je daar ongemerkt een prijs voor. Niet meteen, maar vaak pas later.

Later wanneer je thuiskomt met een schuldgevoel. Later wanneer je opnieuw geen tijd meer hebt voor die wandeling waar je zo naar uitkeek. Of later wanneer je merkt dat je alweer een afspraak met jezelf hebt afgezegd.

En misschien is dat nog wel het meest pijnlijke.

Niet dat je een keer een half uur later thuiskomt, maar dat degene die steeds als eerste van jouw planning verdwijnt, jijzelf bent.

Het gaat helemaal niet over tijd

Pas na een tijdje ga je zien wat er werkelijk gebeurt. “Nog even” gaat zelden over tijd. Het is een patroon.

Een patroon dat zo vanzelfsprekend is geworden dat je nauwelijks nog merkt dat het er is. Je denkt dat je jezelf tien minuten uitstelt, maar in werkelijkheid stel je iets veel groters uit. Dat ene gesprek dat je al zo lang wilt voeren. Die afspraak die je met jezelf maakte. Dat moment waarop je eindelijk eens voor jezelf kiest.

Iedere keer dat jij zegt: nog even, hoef je vandaag niets te veranderen. Je hoeft geen grens aan te geven. Je hoeft niemand teleur te stellen. Je hoeft jezelf niet op de eerste plaats te zetten.

En precies daarom voelt het zo veilig. Niet omdat het je helpt, maar omdat het voorkomt dat je iets anders hoeft te doen dan je altijd al deed.

De grootste prijs betaal je aan jezelf

Bijna niemand staat ’s morgens op met de gedachte: Vandaag ga ik mezelf weer voorbijlopen. Zo werkt het namelijk niet. Het gebeurt in tientallen kleine momenten verspreid over de dag. Momenten waarop je jezelf vertelt dat jouw behoefte best nog even kan wachten. Dat jouw wandeling morgen ook nog kan. Dat jouw lunchpauze vandaag niet zo belangrijk is. Dat jouw afspraak met jezelf later wel komt. En iedere keer lijkt het onschuldig.

Totdat je ontdekt dat je niet één keer een afspraak hebt verzet, maar honderden keren. Niet met iemand anders, maar met jezelf. En hoe vaker je dat doet, hoe minder geloofwaardig je voor jezelf wordt. Want waarom zou je jezelf nog serieus nemen als jij degene bent die steeds opnieuw jouw eigen afspraken verbreekt? Hoe belangrijk ben jij eigenlijk zelf?

Wanneer wordt “nog even” eigenlijk “te laat”?

Misschien is dat wel de vraag die onder dit hele verhaal ligt. Niet hoe druk je het hebt en niet hoeveel verantwoordelijkheid je draagt, maar hoeveel keer je jezelf nog wilt vertellen dat het straks wel komt.

Want eerlijk is eerlijk, er blijft altijd wel een collega met een vraag. Er blijft altijd wel een mail die nog beantwoord moet worden. Er blijft altijd wel een wasmand, een telefoontje, een afspraak of iemand die iets van je nodig heeft.

Als jij blijft wachten tot het rustiger wordt, blijf je waarschijnlijk ook “nog even” zeggen. En misschien zijn dat inderdaad wel de twee duurste woorden die je iedere dag uitspreekt. Niet omdat ze je een paar minuten kosten, maar omdat ze ervoor zorgen dat je iedere dag opnieuw uitstelt wat je diep van binnen allang belangrijk vindt.

Dus ik ben benieuwd…

Hoe vaak heb jij vandaag al “nog even” gezegd… terwijl je eigenlijk “nu” bedoelde?

Deel dit blog:

Gerelateerde blogs